Jan zit tegenover mij. Hij praat op gejaagde toon en hij ondersteunt zijn verhaal met drukke gebaren, razende zinnen en heen en weer vliegende ogen. Hij heeft het opgegeven, zegt hij. Hij ziet het niet meer zitten. Hij wordt niet begrepen door de leiding. Ze duwen allerlei tegenstrijdige opdrachten door de strot, begrijpen niet waar hij mee bezig is. Zien ook niet hoe hij onder druk staat, en hoeveel tijd en moeite hij neemt om de kwaliteit van het werk op orde te houden. En de mentaliteit van jonge collega’s snapt hij ook niet. Hij werkt al jaren extra uren voor de zaak, ook thuis en zelfs in het weekend, maar jonge collega-managers haken af. Ze hebben een papa- of mamadag, of een cursus, of een opleiding of een dringende privé-afspraak, maar ze zijn er te weinig. Ze timmeren voortdurend aan de weg als ze er wel zijn, hoppen van het ene idee naar het andere, maar laten het hun medewerkers uitzoeken. En als ze eenmaal hun opleiding achter de rug hebben verdwijnen ze naar een andere afdeling of werkgever. En voor managers zoals hij is er geen plaats meer, zeggen ze. Hij werkt te veel beheersmatig en te weinig vanuit visie. Het woordje visie komt zijn strot uit. Niks visie voor hem. Gewoon weten wat je wilt en aan de slag, daar zitten de medewerkers ook op te wachten. Ja, hij heeft er echt genoeg van. Voor hem hoeft het allemaal niet meer.
Hij hoeft ook even niet meer te praten, zo lijkt het, want hij valt stil. Ik laat het ook van mijn kant even stil zijn. De rust die we daarmee samen inbouwen mist zijn uitwerking niet. Zijn oogopslag wordt rustiger, hij legt zijn handen in zijn schoot en als hij weer begint te praten, zijn volume en toonhoogte van zijn stem gedaald. Wat ik ervan denk, vraagt hij. Of hij maar ontslag moet nemen of niet en of ik hem kan helpen. Ik vraag hem waar hij hulp bij nodig heeft. Hij weet het niet, zegt hij. Vroeger was het allemaal een stuk eenvoudiger. Maar tegenwoordig wordt alles zo ingewikkeld gemaakt. Hij weet niet wat een coach daaraan kan doen. Ik zeg dat ik ook niet weet wat een coach daaraan kan doen. Ik weet wel wat
ik wel en niet kan. De werkelijkheid minder complex maken, dat kan ik niet. Met Jan samen op zoek gaan naar de best werkbare eenvoud, dat kan ik wel. Jan’s gezicht klaart wat op. Mijn antwoord lijkt hem op een of andere manier aan te spreken en eerlijk gezegd ben ik er zelf ook blij mee.
Op zoek gaan naar de best werkbare eenvoud: dat is dus wat ik als coach steeds doe!
Jan en ik, we hebben een
deal.
Labels: coachen, complexiteit, eenvoud
gepost door Henk van Gerven #
21.6.08